Fraxiparine Ser 10 X 0,3ml 2850 Ui Axa

Op voorschrift
Geneesmiddel
Niet op voorraad

Dit is een geneesmiddel, geen langdurig gebruik zonder medisch advies, bewaren buiten bereik van kinderen, lees aandachtig de bijsluiter. Vraag raad aan uw arts of apotheker. In geval van bijverschijnselen, neem contact met uw huisarts.

Geneesmiddelen zijn geen gewone producten. Ze kunnen nooit teruggenomen of geruild worden. De wet verbiedt apothekers om ongebruikte geneesmiddelen terug te nemen. In het belang van uw veiligheid worden alle geneesmiddelen die u terugbrengt naar de apotheek gesorteerd bij de vervallen geneesmiddelen.

Gebruik

Profylactische behandeling

  • 0,3 ml SC 2u voor de ingreep
  • 0,3 ml SC/dag gedurende de risicoperiode (min. tot de patiënt volledig ambulant is)
  • 1 SC injectie /dag de dag voor de ingreep (12 uur ervoor), de dag van de ingreep (12 uur erna) en dan gedurende de risicoperiode (min. tot de patiënt volledig ambulant is)
    • < 50 kg: 0,2 ml tot dag 3, dan 0,3 ml
    • 51 - 70 kg: 0,3 ml tot dag 3, dan 0,4 ml
    • 71 - 95 kg: 0,4 ml tot dag 3, dan 0,6 ml
    • 1 SC injectie /dag de dag voor de ingreep, de dag van de ingreep en dan gedurende de risicoperiode (min. tot de patiënt volledig ambulant is)
    • < 70 kg: 0,4 ml
    • > 70 kg: 0,6 ml
    • Volwassenen
    • < 50 kg: 0,3 ml
    • 50 - 69 kg: 0,4 ml
    • vanaf 70 kg: 0,6 ml
    • Kinderen: 300 UI /kg lichaamsgewicht
    • Dosisaanpassingen kunnen aangewezen zijn bij dialysepatiënten met een hemorragisch risico

Curatieve behandeling

  • Een SC injectie om de 12u gedurende 10 dagen
  • < 50 kg: 0,4 ml
  • 50 - 59 kg: 0,5 ml
  • 60 - 69 kg: 0,6 ml
  • 70 - 79 kg: 0,7 ml
  • 80 - 89 kg: 0,8 ml
  • vanaf 90 kg: 0,9 ml
  • 1 IV bolusinjectie van 86 UI/kg, onmiddellijk gevolgd door een SC injectie van 86 UI/kg, dan SC injecties om de 12 u gedurende 6 dagen
  • < 50 kg: 0,4 ml
  • 50 - 59 kg: 0,5 ml
  • 60 - 69 kg: 0,6 ml
  • 70 - 79 kg: 0,7 ml
  • 80 - 89 kg: 0,8 ml
  • 90 - 99 kg: 0,9 ml
  • vanaf 100 kg: 1,0 ml

Toedieningswijze

  • De site www.thrombosiscare.be bevat een video om de auto-injectie uit te leggen aan de patiënt
  • De aanbevolen plaats voor injectie is in het vet van de onderbuik
  • De injectie moet gebeuren op minimum 5 cm naast de navel en naar buiten naar de ene of de andere kant
  • Kies voor iedere injectie een andere plaats van de onderbuik, afwisselend in de linker- en rechterkant
  • Ga zitten of liggen in een comfortabele positie en reinig de gekozen injectieplaats met een alcoholdoekje
  • Neem de spuit en verwijder het beschermdopje
  • Verwijder de luchtbel niet uit de spuit
  • Een eventuele druppel aan de punt van de naald kan men verwijderen door op de spuit, met de naald naar beneden gericht, te tikken
  • Neem een huidplooi tussen duim en wijsvinger
  • Steek de naald volledig en loodrecht in het dikste gedeelte van de plooi
  • Duw voorzichtig op de zuiger van de spuit ; de injectie moet langzaam gebeuren
  • Houd de huidplooi vast tot de inspuiting beëindigd is
  • Na de injectie de huid niet masseren of afdrukken
  • De bijsluiter bevat informatie over de IV injectie
Indicatie

Trombo-embolische aandoeningen

  • In de algemene en orthopedische heelkunde
  • In de geneeskunde, bij hoog risicopatiënten op intensieve zorgen

Coagulatie bij hemodialyse

  • Preventie van coagulatie van het extracorporele circuit bij hemodialyse

Diepe veneuze trombose

  • Behandeling van een bestaande diepe veneuze trombose die gepaard kan gaan met een asymptomatische longembolie of met een niet ernstige symptomatische longembolie
  • De site www.thrombosiscare.be bevat patiënteninformatie over de tekenen en symptomen die gelinkt zijn aan een veneuze thrombose alsook uitleg door middel van illustraties

Instabiele angor en myocardinfarct

  • Behandeling van instabiele angor en myocardinfarct zonder Q-golf in associatie met acetylsalicylzuur
Contra indicatie

• Overgevoeligheid voor nadroparine of voor één van de hulpstoffen in de oplossing voor injectie.• Trombocytopenie bij patiënten met positieve in vitro aggregatietest in aanwezigheid van FRAXIPARINE ( ).• Voorgeschiedenis van trombocytopenie met nadroparine.• Hemorragische aandoeningen of neigingen te wijten aan bloedstollingsstoornissen, met uitzondering van verbruikscoagulopathie niet te wijten aan heparine.• Organisch letsel dat mogelijkerwijze kan bloeden (zoals een evolutief gastro-duodenaal ulcus, retinale hemorragieën).• Acute infectieuze endocarditis.• Hemorragisch cerebrovasculair accident.• Ernstige nierinsufficiëntie (creatinineklaring • Locoregionale anesthesie in geval van electieve chirurgie is gecontra-indiceerd wanneer een heparine met laag moleculair gewicht als curatieve behandeling wordt gegeven.• De multidosis injectieflacons bevatten benzylalcohol en zijn bijgevolg gecontra-indiceerd bij kinderen jonger dan 3 jaar.

Details
CNK0669705
FabrikantenAspen Pharma, Viatris
Breedte104 mm
Lengte154 mm
Diepte60 mm
Verpakkingshoeveelheid10
Bijsluiter